Verzekering – B.A.-Auto – Ongeldig bewijs van autokeuring – Verhaal van verzekeraar

DAS

Maanden geleden begaf mijn cliënt zich naar de autokeuring waar een bediende hem vroeg waar zich het chassis nummer van het voertuig bevond. Aangezien hij het niet vond, kreeg mijn cliënt een attest waaruit bleek dat de autokeuring niet in orde was en dat hij het voertuig opnieuw moest aanbieden.

Kort daarna en zonder nieuwe autokeuring, veroorzaakte mijn cliënt een ongeval.

De verzekeraar stelde de benadeelde schadeloos en oefende vervolgens verhaal uit tegen mijn cliënt. Deze laatste gaf hieraan geen gevolg en de verzekeraar startte een gerechtsprocedure. Mijn cliënt was niet op de zitting aanwezigen ook niet vertegenwoordigd en werd bij verstek veroordeeld! De verzekeraar werd aldus in het gelijk gesteld.

Kan men deze verhaalvordering betwisten?

Volgens art.25.3.c van de modelovereenkomst heeft de B.A.-Autoverzekeraar een recht van verhaal (verhaalvordering) op haar verzekerde als deze laatste een ongeval veroorzaakt met zijn voertuig dat niet in orde is met de technische controle (geen geldig keuringsbewijs).

Maar hetzelfde art.25.3.c bepaalt eveneens dat ‘het recht van verhaal echter niet wordt uitgeoefend indien de verzekerde aantoont dat er geen oorzakelijk verband bestaat tussen de staat van het rijtuig en het schadegeval’.

Bepaalde rechtbanken (met name: politierechtbank Turnhout, R.W.2006-07, p.235) betwisten het feit dat het de verzekerde is die de afwezigheid van enig oorzakelijk verband moet aantonen. Zij zijn van mening dat de verzekeraar het oorzakelijk verband moet bewijzen. Dit lijkt ons volkomen verdedigbaar. Er wordt immers unaniem aanvaard dat de verzekeraar die `verval’ aanvoert (niet-uitvoering van een overeengekomen verplichting), overeenkomstig art.11 van de wet van 25.6.1992 op de randverzekeringsovereenkomst, zelf moet bewijzen dat de nalatigheid van de verzekerde in oorzakelijk verband staat met het schadegeval. In een arrest van 12.10.2007 verklaarde bovendien het hof van Cassatie de clausule van een omniumverzekering
onrechtmatig omdat verzekerde zelf moest bewijzen dat er geen oorzakelijk verband bestond tussen het schadegeval en zijn alcoholintoxicatie.

Wanneer een verzekerde een ongeval veroorzaakt terwijl hij door de technische controle geweigerd werd omdat het chassisnummer van zijn voertuig onvindbaar was, is er duidelijk geen enkel oorzakelijk verband tussen het ongeval en het ontbreken van een geldig keuringsbewijs. Het verhaal van de verzekeraar tegen zijn verzekerde voor zijn uitgaven (vergoeding betaald aan derde) zou in dit geval doodeenvoudig gedoemd zijn te mislukken.

Maar uw cliënt reageerde niet op de dagvaarding voor de rechtbank en werd bij verstek veroordeeld. Aangezien hij geen verzet aantekende, is dit vonnis definitief. Wij zien niet hoe uw cliënt in deze omstandigheden nog zou kunnen ontsnappen aan het verhaal van de verzekeraar.